a common reader

Paul Scheffer en zijn grootvader

· 27 April 2014 |  by Janantoon
· Published in: biografie · FOCUS · Nederlandse literatuur
·

Paul Scheffer, Alles doet mee aan de werkelijkheidTwaalf november 2013, een avond in Passa Porta: een gesprek tussen Paul Scheffer en Stefan Hertmans met Yves Desmet als moderator. Beiden schreven een boek over hun grootvader. Stefan Hertmans schreef zijn roman Oorlog en terpentijn waarover ik vroeger al schreef.

Alles doet mee aan de werkelijkheid is een heel ander boek dan dat van Stefan Hertmans. Voor een deel ligt dat aan verschillende omstandigheden. Een groot verschil is al dat Paul Scheffer zijn grootvader van moederszijde nooit gekend heeft. Die is vroegtijdig gestorven in 1942, terwijl Paul in 1954 geboren werd. Hij herinnert zich wel zijn grootmoeder en hoe zij minutieus de studeerkamer van haar man in ere hield. Die kamer met zijn vele boeken, gesigneerde Duitse literatuur, foto’s van Thomas Mann en Stefan Zweig met dedicatie aan zijn grootvader, heeft zeker indruk gemaakt op de jongen en later op de man.
Maar die kamer was uiteindelijk slechts een lege schelp, een klein museum, waar de levende grootvader in ontbrak.

Paul Scheffer is naar de mens Herman Wolf op zoek gegaan toen hij zelf de maturiteit — de grootvaderleeftijd? — had om een inzicht te krijgen in het karakter en het leven van zijn grootvader in de context van diens tijd. Zowel Hertmans als Scheffer bieden echter meer dan zo maar de biografie van een familielid. Beiden geven het beeld van een tijd die overheerst werd door ontwrichtende gebeurtenissen.

In het geval van Hertmans grootvader was dat de eerste wereldoorlog aan het Vlaamse front. Dat heeft Herman Wolf niet moeten meemaken. Hij had het geluk dat zijn ouders, Hermine Heilbut en Simon Wolf, een hoedenfabrikant uit Keulen, zich kort voor de eeuwwisseling in Amsterdam hadden gevestigd. Het was een geassimileerd Joods gezin, dat zich door het economische succes van de zaak een pand aan de Herengracht kon permitteren. Herman Wolf was zich zeer bewust dat hij door de Nederlandse neutraliteit ontsnapte aan het lot van zovele Duitse soldaten.

Zijn vader projecteerde hem als de opvolger in de zaak, maar daar was Herman de persoon niet naar. Hij was introvert, erudiet, voornamelijk een self made man. Hij haalde na heel wat onderbrekingen wel de doctorstitel in de Wijsbegeerte en Letteren, maar publiceerde bijvoorbeeld op zijn twintigste al een essay over de pessimistische filosoof Schopenhauer.
Herman Wolf was een ernstig iemand, rechtlijnig, diepgaand, en hij mankeerde de diplomatieke soepelheid om bijvoorbeeld zijn toon te milderen in recensies over personen die voor hem een universitaire loopbaan konden openen of sluiten. Hij bleef dan ook heel zijn leven lessen Duits geven aan een middelbare school, terwijl hij de lange avonden en weekends gebruikte om te studeren en te publiceren. En te corresponderen met vooraanstaande schrijvers en intellectuelen van zijn tijd, zoals Menno Ter Braak, Jan Romein, Thomas Mann, Stefan Zweig, Georg Simmel.

Herman Wolf

Herman Wolf was in de eerste plaats een humanist en steeds een zoeker. Hij schreef over Schopenhauer, Leibniz, Goethe, parapsychologie, Oosterse godsdiensten. Alles deed inderdaad mee aan zijn werkelijkheid. Maar zijn werkelijkheid werd duchtig door mekaar geschud door de machtsovername van Hitler in 1933. Hij was een enorme bewonderaar van de Duitse cultuur en was hartsgrondig tegen provincialisme. De opkomst en groei van het nazisme was voor hem dan ook iets afschuwelijks.

Hij richtte mee het Comité van Waakzaamheid op. Maar wat kan de begrijpende, cultuurminnende humanist beginnen tegen militaire laarzen en het staal van geweren en bajonetten? Die frustratie ging meer en meer op hem wegen, en niet alleen op hem natuurlijk. Met lede ogen zagen Nederlandse intellectuelen in welke richting Duitsland zich ontwikkelde. Voor Herman Wolf kwam daar nog bij dat hij Jood was, en dat gaf voor de geassimileerde Jood de bijkomende vernedering van niet als een mens, maar als een specimen van een bepaald ras aanzien te worden. Vanaf de bezetting gaat het snel bergaf met Herman Wolf. Hij mag niet meer lesgeven. Hij wordt ontslagen als redacteur van het Algemeen Nederlands Tijdschrift voor Wijsbegeerte en Psychologie. Een verschrikkelijke tijd voor hem, voor velen. In het najaar van 1941 werden de eerste symptomen van een hersentumor zichtbaar, waaraan hij op 24 mei 1942 zou overlijden. Twee maanden later reden de eerste treinen naar Westerbork.

Terecht besteedt Paul Scheffer ook veel aandacht aan de Nederlandse neutraliteitspolitiek. In de eerste wereldoorlog was dat een comfortabele positie voor Nederland. Maar in de jaren dertig wringt de Nederlandse regering zich in bochten om de Duitse buur en goede handelspartner toch maar niet voor de borst te stoten. Zo kon neutraliteit evolueren naar het anticiperen van de Duitse wensen. Het hoge percentage gedeporteerde Joden uit Nederland is daar ook een gevolg van. Voor Paul Scheffer moet de oorlog herdenken meer zijn dan zich wentelen in eenvoudige begrippen als ‘bezette natie’ en ‘het verzet’. De werkelijkheid, alle werkelijkheid is veel genuanceerder. Dit laatste wordt overtuigend aangetoond in deze biografie.


Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedin

Comments are closed.



boekenkast-1

boekenkast-2

boekenkast-3