a common reader

La fabrication du livre au XVIe siècle

· 26 October 2010 |  by Janantoon
· Published in: vroege drukken
· Tagged with:

Deze kleine studie was een lezing gegeven door de auteur tijdens een colloquium in het Erasmusmuseum in 2003. De auteur bespreekt technische aspecten van het drukken in de tweede helft en de manier waarop die technische aspecten soms ingrepen in de inhoud van het boek.
Hij baseert zich op in-house reglementen van drukkerijen en van drukkersgilden om te beweren dat er rond elke pers een team werkte van drukkers én zetters.
De zetters zouden de pagina’s voor één vel gezet hebben en moesten dan wachten op de drukproef om eventuele correcties te maken, waarna de drukkers aan de gang konden gaan. De drukkers moesten een afgesproken deadline halen, want de zetters hadden de letters nodig om nieuwe pagina’s te zetten.
Deze werkwijze, die toch nogal onhandig was, werd ingegeven door de duurte van de loden legering voor de letters.
Volgens M. Gilmont werd bv voor en in-cuarto katern eerst de pagina’s 1, 4, 5 en 8 gezet en wanneer het zetsel vrijkwam werd de verso-kant gezet, namelijk 2, 3, 6 en 7. Nu, dit kan ik zeer moeilijk geloven. Dat zou betekenen dat de zetters na pagina 1 aan pagina 4 moesten beginnen en dus moesten inschatten hoeveel tekst op pagina’s 2 en 3 zou staan. Dit lijkt me in die tijd niet haalbaar. De zetters moesten nu eenmaal van een echt manuscript werken. Met een uitgetypt origineel zou het nog enigszins te berekenen zijn.
Plantin zou de eerste geweest zijn die een parallelle werkwijze gebruikte. De zetters en de drukkers werkten elk op hun eigen ritme. Dit betekende een forse investering in zetsel — Plantin had een eigen gieterij — maar een grote besparing op werkuren en vooral een soepeler verloop van het drukproces.
Maar het interessante punt van M. Gilmont is dat het trage en dure drukproces ervoor kon zorgen dat er verschillende edities, varianten eerder, van een werk ontstonden. Zo zijn er boeken bekend die een frontblad met datum 1576 én 1577 hebben. Wij zouden dan denken dat er een nieuwe ‘tirage’ gebeurde, maar dat hoeft niet zo te zijn. De gedrukte katernen werden bewaard en gebruikt voor ‘nieuwe’ edities.
Zo konden er edities voorkomen waarbij in een vroege edities een correctie was uitgevoerd, maar waar in een latere editie de oorspronkelijke fout blijkt te staan, gewoon omdat een reeds gedrukte katern gebruikt werd.
Alleszins een zeer interessante studie.

Christoffel Plantin

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedin

Comments are closed.



boekenkast-1

boekenkast-2

boekenkast-3