a common reader

Jan Karski verteld door Yannick Haenel

· 7 September 2009 |  by Janantoon
· Published in: Franse literatuur
· Tagged with:

Eén van de categorieën op mijn blog noemt ‘political lies’. Ik ben zelfs eens gestart met een website die zo noemde, maar heb het moeten opgeven. Gebrek aan tijd, aan (vak)kennis — ik ben geen journalist –, natuurlijk geen gebrek aan stof. Zo een site zou zeer interessant kunnen zijn, mocht ze gevoed worden door een groepje gebeten onderzoekers.

Want de publieke leugen, de leugen met het stalen gezicht, met het pokerface, met een hypocriet lachje of verontwaardigd opgetrokken wenkbrouwen, deze frekwente leugen is onuitstaanbaar en misdadig. Net zulke leugens maakt de ‘gewone’ mens, de common reader, zo kwaad. Kwaad en onmachtig. Tenzij misschien door het woord.

Vroeger werd wel eens dat gevleugeld woord gebruikt: ‘Al is de leugen nog zo snel de waarheid achterhaalt haar wel’, maar dat is natuurlijk je reinste onzin. De leugen krijgt de grootst mogelijke zendtijd en verspreidingsmiddelen (nietwaar, Berlusconi?). Ze wordt gedrukt, gecopieerd, komt op de buis, blijft jarenlang nazinderen door Hollywoodfilms, in stripverhalen, in geschiedenisboeken voor het onderwijs. Goedgelovigen geven ze dagelijks aan mekaar door. Terwijl een enkele onderzoeker zijn ganse leven wijdt aan het onderzoeken en duiden van één leugen, worden er dagelijks massa’s verse gefabriceerd.

Neem bijvoorbeeld Iris Chang’s boek The Rape of Nanking, een bekende oorlogsmisdaad uit de tweede Chinees-Japanse oorlog waarbij Japanners de Chinese stad Nanking grotendeels uitmoordden. Zoiets wordt dan jarenlang niet erkend in de Japanse geschiedschrijving, werd ook niet opgenomen in schoolboeken.

Jan Karski is ook zo’n voorbeeld. Het verhaal van een getuige. Getuige van de massale uitroeiing van de joden in Polen, reeds in 1942. Een getuige, maar ook een boodschapper. Het Poolse verzet gaf hem de opdracht deze boodschap over te brengen aan de wereld. Hij ontmoet Anthony Eden, de British Foreign Secretary, Joodse leiders in Londen en New-York, zelfs president Roosevelt. Maar men gelooft hem niet, men wil hem niet geloven. Men weet maar wil niet weten.

Dit tekent het leven van Jan Karski. Hij heeft zijn getuigenverslag afgeleverd, aan de hoogste instanties. En daar stopt het. Aan wie kan hij het nog melden? Wat kan hij nog doen? En als de tijd verstrijkt, kan hij niets meer doen, dan is het ondertussen te laat.

Zo wordt hij getuige van een leugen. De leugen van het verzwijgen, de misdaad van het niets ondernemen. De hypocrisie van de Nürenbergprocessen.

Pierre Assouline besprak dit boek in zijn literatuurblog op Le Monde en gaf te kennen dat hij het een gemiste kans vond. Yannick Haenel had met deze materie een sterke roman kunnen schrijven. Maar ik ben het er niet mee eens. Haenel presenteert het verhaal van Jan Karski als een docudrama, sec, zonder effectzoekerij.

In een eerste hoofdstuk beschrijft Haenel Karski’s getuigenis in de film Shoah van Claude Lanzmann. In het tweede hoofdstuk geeft hij een goede résumé van Karski’s boek Story of a Secret State en pas in het laatste hoofdstuk neemt hij de pen over en tracht zich in te leven in de gevoelswereld van Jan Karski.

In diens verwerkingsproces neemt een schilderij uit de Frick Collection een belangrijke plaats in: Rembrandt’s De Poolse Ruiter.

J’ai tout de suite aimé son allure, son air farouche, sa noblesse; il y avait quelque chose en lui de doux et d’intraitable à la fois, ce calme propre aux guerriers qui se reposent.

Ik vond het een aangrijpend verhaal en heb onmiddellijk het originele boek besteld.
Hieronder vind je een interview met Yannick Haenel over zijn roman.

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedin

Comments are closed.



boekenkast-1

boekenkast-2

boekenkast-3